De derde plaats van Isack Hadjar in de kwalificatie in Australië is voorlopig het enige lichtpuntje van Red Bull dit seizoen. Het team maakt tot dusver geen onderdeel uit van het clubje teams aan de top van de pikorde, iets wat moeilijk voor te stellen is gezien de resultaten van de Oostenrijkse renstal de afgelopen jaren.
In Japan was er nog de hoop dat het circuit de RB22 beter zou liggen, maar dat bleek niet zo te zijn. De conclusie is dus simpel: Red Bull heeft een enorme achterstand op de Mercedessen, Ferraris en McLarens. In gesprek met diverse media, waaronder RacingNews365, krijgt teambaas Laurent Mekies de vraag of deze achterstand vooral te maken heeft met het hogere aantal bochten dat de circuits in China en Japan kent.
"Dat is een terechte vraag", aldus Mekies. "We denken zeker dat we in China een stap terug hebben gezet. En we meten dat niet alleen ten opzichte van de snelste jongens, maar ook ten opzichte van het middenveld dat dichterbij is gekomen."
Groot gat
Het ligt volgens Mekies echter niet alleen aan de bochtige natuur van de circuits. Er zijn fundamentelere problemen:
"Ik denk niet dat het alleen een gevolg is van het aantal bochten. Zoals ik al zei, is er een gebied waarin we bij bepaalde bochtsnelheden en bochtcondities wat aan prestatie verliezen vergeleken met wat onze auto eigenlijk zou moeten leveren. Daar moeten we dus aan werken."
"Het was hier iets beter in vergelijking met China, vooral in de race. Dat was niet te zien omdat we wederom op een enorme achterstand zaten, en niemand is geïnteresseerd in een team dat op een enorme achterstand staat. Maar ik denk dat het algemene gat hetgeen is waar we het over hebben.
Hoe groot dat gat is? Behoorlijk groot! "Het gaat ongeveer om een seconde achter de snelste coureurs, en een halve seconde achter de beste Ferrari. Dat is waarschijnlijk waar we ons bevinden", concludeert Mekies.
Meest gelezen
In dit artikel












Praat mee!