Roger Williamson leek voorbestemd voor een stralende carrière in de Formule 1. De Britse coureur wist in 1971 en 1972 het kampioenschap in de Britse Formule 3 te veroveren, een prestatie die hem in 1971 de Grovewood Award opleverde, een prijs voor het meest veelbelovende talent uit de Britse Gemenebest.
Zijn manager adviseerde hem een aanbod van March Engineering te accepteren, nadat Williamson al indruk had gemaakt tijdens tests met het BRM-team. Op 14 juli 1973 maakte de 25-jarige coureur zijn debuut in 'eigen huis', op het circuit van Silverstone. Een massale crash in de eerste ronde betekende direct het einde van zijn race. Twee weken later, op 29 juli 1973, keerde Williamson terug voor zijn tweede Grand Prix op Circuit Zandvoort. Het zou zijn laatste race worden.
Dag des onheils
Williamson kwalificeerde zich als achttiende voor de Grand Prix van Nederland op Circuit Zandvoort. De start verliep zonder noemenswaardige problemen, maar al vroeg in de race sloeg het noodlot toe. In de achtste ronde verloor Williamson bij Tunnel-Oost de controle over zijn March-Ford, vermoedelijk door een klapband linksachter.
De wagen stuiterde tegen een slecht bevestigde vangrail, die als een springplank fungeerde en de auto door de lucht katapulteerde. Ondersteboven kwam de March tot stilstand op de apex van de tweede rechterbocht. Bij de impact scheurde de brandstoftank open. Enkele seconden later stond de auto in lichterlaaie.
Williamson zat nog vast in de cockpit, gevangen onder het brandende wrak. De klap zelf had hem niet fataal verwond, maar ontsnappen kon hij niet. Terwijl het vuur zich snel uitbreidde, bleef hij opgesloten.
Eén man en zijn dappere reddingspoging
David Purley, vriend en collega-coureur, zag het ongeluk gebeuren. Zonder te aarzelen stopte hij zijn eigen race, parkeerde zijn wagen langs de baan en rende het nog altijd actieve circuit op. Met zijn blote handen probeerde hij de auto om te draaien door tegen het achterwiel te duwen. Onder het brandende wrak hoorde hij Williamson schreeuwen.
Toen Purley inzag dat hij de auto niet alleen kon kantelen, greep hij een brandblusser van een nabijgelegen marshal. Samen met een politieman kreeg hij het apparaat werkend en leek hij korte tijd vat te krijgen op de vlammen. Maar de resterende brandstof explodeerde, waarna de auto opnieuw in vuur en vlam stond. Purley moest terugdeinzen.
Ondertussen reden andere coureurs voorbij. De meesten dachten dat Purley zelf was gecrasht en dat de brandende auto leeg was. Niemand stopte, zelfs niet toen Purley wanhopig gebaarde om hulp. De race ging onverminderd door.
De marshals op Zandvoort waren slecht opgeleid en droegen gewone kleding in plaats van vuurbestendige overalls. Ze konden het vuur niet naderen. In de directe omgeving was slechts één brandblusser beschikbaar, die snel leeg raakte zonder het vuur onder controle te krijgen.
Ook de race-organisatie verkeerde in de veronderstelling dat Purley zelf was gecrasht. Er werd geen rode vlag gezwaaid. De brandweerauto moest eerst een volledige ronde over het circuit afleggen om de plaats van het ongeluk te bereiken. Acht minuten verstreken voordat professionele hulp arriveerde. Tegen die tijd was Williamson al gestikt door rook en hitte.
Moment van zelfreflectie
Williamson overleed op 25-jarige leeftijd, tijdens zijn tweede race in de Formule 1. De beelden van Purleys eenzame reddingspoging gingen de wereld over en werden een pijnlijk symbool van de gebrekkige veiligheidsstandaarden in de Formule 1 van de jaren zeventig. Voor zijn moedige optreden ontving Purley later de George Medal, een van de hoogste Britse onderscheidingen voor burgerlijke moed.
De dood van Williamson dwong de sport tot zelfreflectie. In de jaren die volgden werd vuurbestendige kleding verplicht voor marshals en stopten coureurs vaker bij ernstige ongelukken om hulp te verlenen. De crash van Niki Lauda tijdens de Grand Prix van Duitsland in 1976 werd daar een schrijnend, maar hoopgevend voorbeeld van: het snelle ingrijpen van collega’s redde toen zijn leven.
Ook Gijs van Lennep, die deel uitmaakte van het deelnemersveld en de race als zesde finishte, werd pas na afloop geconfronteerd met Williamsons dood. Tijdens een tv-interview drong het nieuws tot hem door. "Het is de enige keer dat ik op televisie heb gevloekt", herinnert hij zich later in gesprek met Formule 1.nl. "Het komt in elk interview ter sprake. Ik begrijp het wel, maar het is gebeurd."
De dood van Williamson leeft tot op de dag van vandaag voort in de herinneringen van de toeschouwers en coureurs die die dag aanwezig waren op Circuit Zandvoort. Het was opnieuw een moment waarop duidelijk werd wat er gebeurt wanneer veiligheid een bijrol speelt in een sport waarin details allesbepalend zijn, en hoe de moed van één man onvoldoende bleek in een wereld die nog niet klaar was voor de gevolgen van haar eigen risico’s.
Ook interessant:
Hoe kunnen Max Verstappen en Red Bull terugkijken naar de testweek in Barcelona? En hoe verhouden ze zich tot de concurrentie? Tom Coronel en Joris Mosterdijk bespreken uitvoerig de winnaars en verliezers van de eerste wintertest, in een nieuwe aflevering van de Formule 1-podcast van RacingNews365!
Ontvang 200 Free Spins én €30 aan Free Bets als je €10 inzet op Sport!
Claim jouw bonusMeest gelezen
In dit artikel










Praat mee!