De eerste ADUO-resultaten in de Formule 1 zijn officieel nog niet gepubliceerd, maar leiden achter de schermen tot veel opschudding. Red Bull is namelijk de benchmark qua verbrandingsmotor, met als direct gevolg dat bijvoorbeeld Mercedes een token mag inzetten om extra te ontwikkelen. Dat terwijl de Zilverpijlen tot nu toe duidelijk over de snelste auto beschikken.
Audi-kopstuk Mattia Binotto is dan ook geen fan van ADUO, zo laat hij weten in gesprek met Autosport. De Italiaan zou graag zien dat er op een andere manier wordt omgesprongen met het balanceren van het veld in de Formule 1.
"Naar mijn mening is de beperking dat er uitsluitend is gekeken naar de prestaties op de baan", vertelt Binotto. "Een auto met een algehele voorsprong kan het zich simpelweg veroorloven om het potentieel van zijn krachtbron niet volledig te benutten."
Voorsprong van Mercedes
Binotto wijst op Mercedes. "Het is bijvoorbeeld heel goed mogelijk dat Mercedes een motor had met een superieur potentieel, maar de limiet niet hoefde op te zoeken omdat ze dankzij de auto al een voorsprong hadden. Als dat het geval was, hebben ze daarmee mogelijk ook extra ontwikkelingsmarge overgehouden."
"Dat is waarom ik vind dat het reglement op dit punt moet worden heroverwogen. Dit was niet de oorspronkelijke bedoeling van ADUO: het doel was om de teams te helpen die daadwerkelijk achterop raakten, niet om situaties te creëren waarin het werkelijke potentieel van een krachtbron lastig in te schatten is."
Binotto probeert niet de FIA te bekritiseren. "Wat de resultaten betreft, trek ik het werk van de FIA absoluut niet in twijfel. Zij beschikken over alle benodigde tools en data om hun analyses te maken, ondanks de beperkingen die elk meetsysteem onvermijdelijk met zich meebrengt. Toch denk ik dat het belangrijk is om te herinneren aan het oorspronkelijke doel van ADUO."
"Toen dit voor het eerst werd besproken, was het concept bedoeld als een soort vangnet. Als een fabrikant aan het begin van de reglementaire cyclus een grote achterstand zou oplopen - terwijl de motoren vrijwel bevroren zijn en er nauwelijks ontwikkelingsruimte is - zou diegene het risico lopen dat nadeel vijf jaar lang met zich mee te slepen. Hieruit ontstond het idee van prestatieconvergentie: de partijen die verder achterop lagen de kans geven om sneller het gat te dichten."
"Uiteindelijk is dat exact hetzelfde principe dat al geldt voor het chassis en de aerodynamica. Wie lager in het kampioenschap eindigt, krijgt immers meer uren in de windtunnel. Op dezelfde manier zouden partijen met een minder presterende krachtbron meer ontwikkelingsmogelijkheden moeten krijgen om de aansluiting te vinden, zodat het kampioenschap steeds evenwichtiger wordt", sluit Binotto af.
Meest gelezen
In dit artikel
Nooit meer iets van de Formule 1 missen? Dat kan! Zet met een druk op de knop de Formule 1-kalender van 2026 in jouw agenda. Gebruik de button hieronder om hem in de agenda van je smartphone of pc te plaatsen en mis geen seconde van het nieuwe seizoen!
+ Toevoegen aan agenda + Toevoegen aan agenda
We hebben ook een versie met alleen de race en kwalificatie.
klik hier voor deze versie en meer uitleg.











Praat mee!