Michael Schumacher en Damon Hill maakten er in 1994 tot en met de laatste race een spannende strijd van om de wereldtitel. Schumacher stond één punt voor op Hill en uiteindelijk wist de Duitser de titel ook te veroveren. Maar dat gebeurde wel op een discutabele manier. De twee raakten elkaar namelijk tijdens de laatste race in Adelaide en er werd vooral naar Schumacher gewezen, omdat hij aan de buitenkant van de bocht instuurde, terwijl Hill aan de binnenkant nergens naartoe kon. Hill blikt nu dertig jaar later terug op de relatie tussen de twee kemphanen. "Michael en ik konden het eigenlijk goed met elkaar vinden, maar we haatten elkaar op het circuit. Er was en is geen andere manier om wereldkampioen in de Formule 1 te worden. Er was geen ruimte voor aardigheidjes. Je moet elke zwakte van je tegenstander uitbuiten en hem uitputten", zo vertelt Hill tegenover BILD . "Michael was een meester in de psychologische spelletjes. Hij gaf me het gevoel dat ik nutteloos en ongetalenteerd was en dat vertelde hij ook tegen de pers. Omdat hij toen veel races won, was er geen reden om hem niet te geloven." Hill heeft tot slot nog mooie woorden in huis voor Schumacher. "Michael was een erg competitief, maar erg warm persoon."
Meest gelezen







