Sluit je aan bij De grootste racefamilie van Nederland

Ontdek welk pakket bij jou past

  • Altijd meepraten over de Formule 1
  • Kans maken op toffe prijzen
  • Advertentievrije site * (Plus & Premium)
  • Toegang tot de exclusieve RN365 app (Plus & Premium)
  • En nog veel meer…
* m.u.v. content van derden
Ontdek de mogelijkheden

Dit zijn de meest waardeloze Formule 1-paydrivers ooit

Paydrivers, ze komen in alle soorten en maten, maar een ding hebben ze gemeen: ze nemen bakken met geld mee. Van Yuji Ide tot Gaston Mazzacane, dit zijn de slechtste.

Er bestaat een algemene perceptie dat paydrivers per definitie veredelde amateurs zijn die zich bij een Formule 1-team inkopen om hun droom waar te maken. Dat klopt niet. Coureurs als Lance Stroll, Felipe Nasr en Red Bull-rijder Sergio Perez betaalden in het verleden grof voor een stoeltje, of namen in ieder geval een mooie zak geld mee, maar zakten nooit compleet door het ijs. Maar ook coureurs als Michael Schumacher en Fernando Alonso begonnen hun carrière met een zak geld onder de arm. Pas later toen ze hun status verdienden, kregen ze een (vorstelijk) salaris. Toch zijn er uiteraard een hoop paydrivers die nog niet weten hoe je het stuur recht houdt. Deze vier zakten flink door het ijs.

Gaston Mazzacane

Het armlastige Minardi heeft een mooie traditie van paydrivers. Giovanni Lavaggi en Alex Yoong bijvoorbeeld. De Argentijn Gaston Mazzacane past feilloos in dat rijtje. In 2000 debuteerde hij in de Formule 1 bij het Italiaanse team. Met Marc Gene als teamgenoot (ook geen hoogdraver) moest hij het onderspit delven. Zijn hoogtepunt dat jaar werd direct gevolgd door zijn dieptepunt. In Indianapolis haalde hij Mika Hakkinen in, die worstelde met zijn banden. Toen Mazzacane zelf moest binnenkomen, reed hij zijn pitcrew omver en viel hij uit. In 2001 kreeg hij, mede door zijn financiële overtuigingskracht een nieuwe kans in de Formule 1, dit keer bij Prost. Hij bleek geen match voor de ervaren Jean Alesi en hij werd al na vier races ontslagen omdat hij niet presteerde. Mazzacane is nog steeds de laatste Argentijn in de Formule 1.

Yuji Ide

De Japanner versierde in 2006 een zitje bij Super Aguri door zijn innige vriendschap met de baas Aguri Suzuki. Hij bleek vaak wel vijf seconden per ronde langzamer te zijn dan teamgenoot Takuma Sato. Hij finishte regelmatig op meerdere ronden van de leider. In Imola maakte hij het echter te bont. Hij kegelde rücksichtslos Christijan Albers van de baan. Dat gebeurde op zo'n domme manier, dan de FIA zijn superlicentie introk na vier races, iets dat nog nooit was gebeurd. Ides F1-avontuur bleef bij slechts bij die vier races, hier is een uitgebreide beschrijving van zijn F1-avontuur te lezen .

Jean-Denis Deletraz

In 1994 zat Larousse om geld verlegen. Het verlegde daarom de aandacht naar paydrivers en vond er een in vorm van de Zwitser Jean-Denis Deletraz. Hij maakte zijn debuut in de op een na laatste ronde in Australië. Daar bleek de vader van Formule 2-coureur Louis Deletraz niet bepaald uit het juiste hout gesneden. Hij wist zich nog wel net voor de laatste plek te kwalificeren, maar werd al snel ingehaald en eindigde de race op tien ronden van de leider. In 1995 volgde een herhaling van zetten: hij tekende bij het om geld verlegen Pacific voor de laatste vijf races van het jaar, maar was in de eerste race na drie ronden al veertig seconden van de leider verwijderd. Hij gaf er de brui aan na ronde veertien met kramp in zijn linkerarm. Na twee races werd hij eruit geknikkerd. De 107-procent-regel wordt in het wereldje soms gekscherend de Deletraz-regel genoemd.

Ricardo Rosset

De Braziliaan Ricardo Rosset werd in 1996 teamgenoot van Jos Verstappen bij Footwork. Hij wist de helft van de races niet te finishen en Verstappen was hem in alle kwalificaties te snel af. Hij verliet het team en ging in 1997 voor een kans bij MasterCard Lola. De switch liep uit op een sof: hij (en teamgenoot Vincenzo Sospiri) wisten zich niet te kwalificeren voor de eerste race en het team trok de stekker uit het project na een race. Hier lees je meer over dat avontuur. In 1998 zagen we de Braziliaan nog eenmaal terug in de Formule 1. Hij pikte de plek van Jos Verstappen in bij Tyrrell (Rosset bracht veel meer geld mee), maar zette zichzelf voor schut door zich maar liefst vijf keer niet eens te kwalificeren voor de race.

Viaplay
x
Analyse GP Spanje sleutelmoment in Formule 1-kampioenschap